Dutch English French Spanish

Taxi Den Haag naar Amersfoort

Taxi Den Haag naar Amersfoort ( uitspraak(info / uitleg)) (Utrechts-AlblasserwaardsAomersfoort) is een stad en gemeente in het oosten van de Nederlandse provincie Utrecht. De gemeente telt 153.615 inwoners (1 januari 2016, bron: CBS), die Amersfoorters[1] worden genoemd. Het is in bevolkingsaantal de tweede stad van de provincie Utrecht en de veertiende van Nederland.

Amersfoort is een groeistad[2] en vervult economisch een regiofunctie met een sterk gegroeid bedrijfsleven, heeft een van de grootste spoorwegknooppunten van Nederland en is een belangrijke garnizoensstad. De binnenstad bezit een middeleeuws karakter met grachten.

Geschiedenis

Bewoning in Amersfoort en omgeving gaat ver terug in de tijd. Al in het mesolithicum trokken jagers en verzamelaars door de regio. Bij archeologisch onderzoek zijn de restanten van jachtkampjes aangetroffen. In hetneolithicum moet er ook in de regio gewoond zijn; bewoningssporen zijn tot op heden niet aangetroffen, maar wel grafheuvels met vondsten uit deze periode, zoals klokbekers. Ook uit de bronstijd en ijzertijd zijngrafheuvels bekend, zoals bij de Galgenberg, De Vlasakkers en de Leusderheide. Een deel hiervan is al in de 19e eeuw onderzocht. Bewoning uit de bronstijd en ijzertijd is bij diverse opgravingen aangetroffen, waaronder in het gebied de Schammer (Leusden) en Wieken Vinkenhoef (Amersfoort). De Romeinen hebben de regio nooit permanent bezet en bewoond, maar dat er contacten en incidentele bezoeken waren staat wel vast. Een Romeinse kom - aangetroffen in een grafveld in Amersfoort-Noord - duidt hierop.

De eerste vermelding van Amersfoort dateert uit 1028. Er moet toen sprake geweest zijn van een boerennederzetting. De strategische ligging was voor de bisschop van Utrecht aanleiding om er een van zijn hoven te bouwen, om van hieruit de Gelderse Vallei te ontginnen. Waarschijnlijk werd dit bisschoppelijk hof in de eerste helft van de 12e eeuw gesticht op de plaats waar thans de Sint-Joriskerk staat. Handel en nijverheid leefden op.

De nederzetting kreeg op 12 juni 1259 stadsrechten van de Utrechtse bisschop Hendrik van Vianden. In de akte, waarin aan Amersfoort stadsrechten werd verleend werd het stadje omschreven als een oppidum, dat wil zeggen dat de stad versterkt was, waarschijnlijk door een aarden wal, wellicht met poorten. Tegen het einde van de 13e eeuw werd de eerste stenen muur gebouwd, met een lengte van 1550 meter, en omgeven door een gracht. Op de plattegrond van het centrum van Amersfoort is deze eerste stadsmuur nog goed terug te vinden.

In 1340 was er een grote stadsbrand, waarbij ongeveer de helft van de gebouwen werd vernietigd of beschadigd. Omstreeks 1380 werd begonnen met de bouw van een nieuwe muur (gereed rond 1450) met de totale lengte van 2850 meter, die het oppervlak van de ommuurde stad verdrievoudigde. In deze muur werd een aantal poorten gebouwd die tot op de dag van vandaag te bewonderen zijn, zoals de Koppelpoort en de Monnikendam. Van de eerste muur is weinig bewaard gebleven, slechts de sterk gerestaureerde Kamperbinnenpoort resteert. Niettemin is het verloop van de eerste muur nog intact; de Muurhuizen volgen het tracé van de muur en maken gebruik van diens fundering. Amersfoort kreeg in de Middeleeuwen na wonderen rond een Mariabeeld, het zogenaamde Mirakel van Amersfoort, grote betekenis als bedevaartsoord, waardoor de economie opbloeide en vanaf 1444 de Onze-Lieve-Vrouwetoren kon worden gebouwd.

De stad had in de 16e eeuw veel te lijden van oorlogshandelingen. Hij werd in 1572 bezet door de staatsen en in 1573 door de Spanjaarden. In 1579 werd Amersfoort heroverd door Jan VI van Nassau-Dillenburg, waarop in 1579 gedwongen aansluiting bij de Unie van Utrecht plaatsvond. In 1629 werd Amersfoort door Hendrik van den Bergh veroverd tijdens zijn Inval van de Veluwe. Hendrik van den Bergh moest eigenlijk de aanval van Frederik Hendrik van Oranje op 's-Hertogenbosch beantwoorden, maar het lukte door onder andere de circumvallatielinie rond 's-Hertogenbosch niet om door de verdediging van Frederik Hendrik te komen.

Sinds de 16e eeuw ging het economisch slechter. De inwoneraanwas stagneerde en in het begin van de 19e eeuw telde Amersfoort nog maar 8.000 mensen. Rond 1850 braken de inwoners grote delen van de wallen en poorten af. Dat bood de armen werk en de stenen waren nuttig voor straten, pleinen en wegen. Ingrijpen van koning Willem II voorkwam sloop van de Koppelpoort, Monnikendam, Kamperbinnenpoort en een restant van de stadsmuur.

Amersfoort in de 19e eeuw

In het begin van de 18e eeuw werd de stad een centrum van de Oudkatholieke Kerk, door de vestiging van de refractarische priesters van de zogenaamde Oud-bisschoppelijke Clerezij. De stad behield daarna een overwegend niet-katholieke signatuur, mede door de vestiging van vele beroepsmilitairen na 1870. De komst van de spoorwegen in 1863 deed de stad uit haar 19e-eeuwse slaap ontwaken. Amersfoort werd een belangrijk knooppunt en is dat tot op heden gebleven. Rond 1870 werd Amersfoort door de regering verkozen voor de uitbreiding van het leger, mede vanwege de centrale ligging aan spoorwegen en nabij de Hollandse Waterlinie en heideterreinen, die als oefenterrein konden dienen (Vlasakkers, Leusderheide).

Tweede Wereldoorlog

Amersfoort verloor tijdens de oorlog relatief weinig bewoners en leed relatief weinig fysieke schade. Het oude centrum bleef gespaard. Een relatief groot aantal Joden uit Amersfoort en omgeving wist door onder te duiken de oorlog te overleven, daarbij gesteund door de vele protestanten in de plaats. De inrichting van het concentratiekamp Amersfoort, formeel in Leusden, bracht ook de stad vele verschrikkingen.

Vanwege de mobilisatie werden er al in 1938 diverse kampen voor militairen gebouwd in en om Amersfoort: Prins Bernhardkazerne, Bokkeduinen, Waterloo (Lisiduna), Amsvorde, Boskamp (latere PDA / Kamp Amersfoort) en Zonnebloemstraat (eind huidige Noordewierweg). In mei 1940, aan het begin van de Tweede Wereldoorlog moesten alle 43.000 bewoners worden geëvacueerd vanwege de verwachte gevechten rond Amersfoort, toen de grootste garnizoensstad van Nederland. Na vier dagen konden zij terugkeren. De Duitsers richtten bij Amersfoort het Kamp Amersfoort in, eenconcentratiekamp. De Joodse gemeenschap van ruim 632 mensen werd gedecimeerd, 353 mensen kwamen om, de meeste in Auschwitz of Sobibór.

In 1943 werd Amersfoort werd de Raad van Verzet (RVV) opgericht bij de familie Van Beek, thans Stationsstraat nr. 28.

Op 20 juli 1943 werden twintig leden van de clandestiene verzetsgroep Inlichtingendienst Nederland geëxecuteerd; zij werden begraven in het Jannetjesdal op de Leusderheide. Op 2 oktober 1944 hielden de bezetters een razzia, waarbij 5.000-6.000 Amersfoortse mannen van 17-40 jaar werden meegenomen om loopgraven aan te leggen langs de IJssel in de omgeving van Dieren.

Tegen het einde van de oorlog in 1945 werden op 2 februari achttien jonge gevangenen uit Kamp Amersfoort en twee voorbijgangers doodgeschoten aan de Barchman Wuytierslaan. Op 20 maart werden tien willekeurige gevangenen uit het kamp aan de Appelweg gefusilleerd, als represaille voor de liquidatie van een Nederlands lid van deSicherheitsdienst.

De nazi-Duitse strijdkrachten bliezen op 16 en 17 april meerdere bruggen in en rond de stad op, ook de spoorbrug bij de Koppelpoort. Op 7 en 8 mei 1945 bevrijdden Canadese troepen de stad.[3]

Na de oorlog

Tot ongeveer 1970 was er sprake van geringe ontwikkeling, die zelfs door de buitengebruikstelling van de meeste kazernes dreigde om te slaan in achteruitgang. Dankzij de annexatie op 1 januari 1974 van het grootste deel van de toenmalige gemeente Hoogland, kon Amersfoort zijn grondgebied flink uitbreiden. Aan het eind van de 20e eeuw kreeg de stad een grote impuls door de Groeistad-status, die inmiddels heeft geleid tot de bouw van grote nieuwe wijken (waaronder Vinex), waarvan Kattenbroek door zijn bijzonderearchitectuur landelijke bekendheid heeft verworven. Ook nieuwe bedrijven vestigden zich in Amersfoort. Er kwam na veel politieke onrust een nieuw stationsgebouw, terwijl de stationsbuurt opnieuw werd ingericht, onder meer met middelgrote kantoren. Na ongeveer 1970 nam de militaire aanwezigheid drastisch af, en bleef slechts de Bernhardkazerne open.

Cultuur

Monumenten

In de gemeente zijn er een aantal rijks-, gemeentelijke en oorlogsmonumenten, zie:

Stadsbeeld en bezienswaardigheden

Amersfoort telt ruim 400 rijksmonumenten en twee stadsgezichten: Rijksbeschermd gezicht Amersfoort (binnenstad) en Rijksbeschermd gezicht Amersfoort - Bergkwartier (villawijk). De middeleeuwse binnenstad is opmerkelijk goed geconserveerd en bezit een grachtenstelsel. De Onze Lieve Vrouwetoren (door de Amersfoorters ook "Lange Jan" genoemd) is de belangrijkste blikvanger. Met zijn 98 meter is het de op twee na hoogste kerktoren van Nederland. De bijbehorende kerk ging bij een explosie in 1787 verloren. De toren werd voor 1960 gebruikt als oorsprong van het coördinatenstelsel van het Rijksdriehoeksnet. Het exacte middelpunt van de Onze Lieve Vrouwetoren was het punt van waaruit heel Nederland kadastraal genummerd was en wordt daarom nog wel het geografisch middelpunt van Nederland genoemd. Dit is bij de toren zichtbaar gemaakt door twee metalen strips, waarvan één de kadastrale x-as aangeeft en de ander de y-as. In het midden van de torenvloer is een markering aangebracht die dit oorspronkelijke nulpunt aangeeft. In de periode 1960-1978 zijn deze coördinaten om praktische redenen verschoven naar X = 155 000 m en Y = 463 000 m, omdat het nulpunt om praktische redenen 120 km ten zuidoosten van Parijs, en 1 km ten oosten van La Celle-Saint-Cyr) is gelegd.[8]

De binnenstad heeft nog andere bezienswaardige kerken, zoals de Sint-Joriskerk aan de Hof en de rooms-katholieke Sint-Franciscus-Xaveriuskerk, ontworpen door architect F. Wittenberg. Ook de Sint-Aegtenkapel en de Oudkatholieke kerk H. Georgius zijn noemenswaardig. De Elleboogkerk, een neoclassicistische kerk uit 1820, werd tijdens een brand op 22 oktober 2007 geheel verwoest.

Een belangrijke niet-religieuze bezienswaardigheid is de stadsmuur. De eerste stadsmuur werd gebouwd rond 1300. De Plompetoren was een onderdeel van de oudste muur. Hier werden vroeger de gevangenen gehouden. Tussen 1380 en 1451 werd een nieuwe stadsmuur gebouwd, die de stad tot in de 19e eeuw ruimschoots heeft kunnen omsluiten en die deels behouden is. Nadat de oudste stadsmuur haar functie had verloren werd deze gebruikt om huizen tegenaan te bouwen, Muurhuizen. Een voorbeeld van zo'n Muurhuis is het huis Tinnenburg. De binnenstad heeft ook een jongere stadsmuur.

De stad heeft daarnaast nog een aantal stadspoorten, zowel land- als waterpoorten. De meest bijzondere en bekendste is de Koppelpoort, die zowel land- als waterpoort is. Verder zijn er de Monnikendam (een waterpoort) en de Kamperbinnenpoort (een landpoort).

Bierbrouwerij De Drie Ringen is gevestigd in een voormalige stadsboerderij en brouwt op ambachtelijke wijze bier. Verder zijn het Hofje de Poth, één van de oudste hofjes in het land en het Sint-Pietersgasthuis noemenswaardige bezienswaardigheden.

Er worden stadswandelingen georganiseerd door het Gilde Amersfoort en rondvaarten in de Amersfoortse grachten door Stichting Waterlijn.

Buiten Amersfoort ligt sinds 1948 een dierentuin, het DierenPark Amersfoort, gelegen in het Bos Birkhoven, aan de westkant van de stad. Deze dierentuin trekt jaarlijks ongeveer 750.000 bezoekers (2008) en is daarmee de 16e attractie van Nederland, gerekend naar bezoekersaantallen.

Kunst in de openbare ruimte

In de gemeente zijn diverse beelden, sculpturen en objecten geplaatst in de openbare ruimte.

 Zie ook: Lijst van beelden in Amersfoort

Musea

Het historische stadsmuseum van Amersfoort is het Museum Flehite, waar een beeld wordt gegeven van de geschiedenis. In het geboortehuis van Piet Mondriaan bevindt zich het Mondriaanhuis, "museum voor Constructieve en Concrete Kunst". Het museum toont divers werk van Mondriaan, waaronder exemplaren van zijn geometrisch-abstracte werk, de stijl waar Mondriaan bekend om staat. Er wordt ook werk in die stijl van andere kunstenaars vertoond. Een ander kunstmuseum is het Armando Museum, dat, zoals de naam al doet vermoeden, vooral werk van Armando vertoont. In 2007 woedde brand in het pand waarin het museum gevestigd was, de Elleboogkerk. Hierna werd het werk op diverse locaties geëxposeerd. De genoemde drie musea vormen, tezamen met Kunsthal KAdE, de Stichting Amersfoort in C.

Er zijn nog andere musea in de stad te vinden. Zo is er het Cavaleriemuseum, dat gewijd is aan de geschiedenis van Nederlandse cavalerie. Het Rietveldpaviljoen De Zonnehof is een expositieruimte voor uiteenlopende kunstvormen. Het voormalige concentratiekamp Kamp Amersfoort heeft tegenwoordig ook een museale functie. Twee voormalige musea zijn het Vindselmuseum In Natura (t/m 2011) en het Culinair Museum (t/m 2010, de collectie is toegevoegd aan de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam).

Uitgaansleven

Amersfoort heeft één groter theater, de Flint, tevens congrescentrum, enkele kleinere plus twee bioscoopcentra met meerdere zalen en een poppodium (de Kelder). De horeca is sinds de jaren zeventig flink ontwikkeld met de pleinen de Hof en het Lieve Vrouwekerkhof als zwaartepunt. Jaarlijks terugkerende festivals in Amersfoort zijn onder meer Street Arts festival Spoffin, Now! Festival en Amersfoort Jazz. Het Eemplein, met onder meer een (Pathé)bioscoop (8 zalen), muziekschool, bibliotheek en horecagelegenheden is 31 oktober 2012 geopend.

Folklore

De Amersfoortse Kei heeft de stad en haar inwoners de bijnamen 'Keistad' en 'Keientrekkers' gegeven. Het verhaal over hoe deze kei in Amersfoort terecht is gekomen gaat als volgt: in 1661 sloot de dichter en jonkheerEverard Meyster een weddenschap af dat hij de Amersfoorters zo ver zou kunnen krijgen om een grote granietenzwerfkei vanaf de Utrechtse Heuvelrug naar de stad te slepen. Meyster wist de Amersfoorters in ruil voor bier en krakelingen te overtuigen en met een slee en trekkracht werd de kei de stad in gesleept, naar de Varkensmarkt, waar de kei op een sokkel werd gezet. Toen de Amersfoorters inzagen dat Meyster hen een onzinnig karwei had laten uitvoeren, werd de kei in de grond begraven. Meyster, die bevreesd was dat de ergernis van de bevolking hem persoonlijk zou raken vluchtte naar Utrecht. Hij vestigde zich in een huis dat hij De Krakeling noemde, naar de krakelingen die hij de Amersfoorters in het vooruitzicht had gesteld voor het verslepen van de kei. Het pand aan de straat genaamd Achter Sint Pieter, op de hoek van de straat die nu bekendstaat als Keistraat, vernoemd naar de Amersfoortse kei. In 1903, toen de schaamte van de Amersfoorters voor de blunder van hun voorouders geslonken was werd de kei opgegraven. Sinds 1953 bevindt de kei zich op zijn huidige plek: aan de Stadsring, bij de Arnhemsestraat.[9]

Media

In Amersfoort zijn diverse televisieseries opgenomen. De serie Fort Alpha (1996-1997) werd opgenomen in Amersfoort op Het Nieuwe Eemland, dat deel uitmaakt van een kloostercomplex. Het complex bevindt zich in het Amersfoortse Bergkwartier, een villawijk in Amersfoort die op de Amersfoortse Berg gelegen is. Verder werden door de hele stad opnamen gemaakt, zoals in het middeleeuwse stadscentrum van Amersfoort, de vooroorlogse wijken Soesterkwartier en Nederbergkwartier en op het station Amersfoort. Al eerder werd de serie Spijkerhoek (1989-1993) opgenomen. Hiervoor werden veel buitenopnamen gemaakt in de historische binnenstad: de Appelmarkt, de Groenmarkt en op nabijgelegen historische plekken in de stad zoals het Havik. In seizoen 3 en 4 vonden de opnamen plaats aan een drukke weg in Bussum. De laatste twee seizoenen (5 en 6) vonden voor een groot deel weer plaats in Amersfoort.